Na de verkiezingen op 12 september zullen er bijna geen politici met een niet-Nederlandse achtergrond in de Tweede Kamer zitten. Politieke partijen hebben bijna alleen nog maar ‘witte’ kandidaten op verkiesbare plekken staan. Een ontwikkeling die Christen Unie Kamerlid Cynthia Ortega-Martijn zorgen baart.
Door een onhandig misverstand zal ook Ortega-Martijn na de verkiezingen niet meer in de blauwe stoeltjes gaan zitten. Ze schreef een brief aan het partijbestuur die verkeerd werd geïnterpreteerd: “Men dacht dat ik niet op een lagere plek op de kieslijst wilde, maar dat is niet waar. Ik had dolgraag nog een termijn willen doen.”
De politica ruimt haar werkkamer op tijdens het zomerreces, op 19 september trekt ze de deur voor de laatste keer dicht. Ze is niet bitter, maar ze baalt wel: “Ik heb een aantal mooie dingen op de rails gezet die ik niet kan afronden.”
Caribisch Nederland
Met Ortega-Martijn vertrekt er ook een boel kennis over de Caribische Rijksdelen en Bonaire, St. Eustatius en Saba die Openbare Lichamen van Nederland zijn geworden. In de 5,5 jaar dat ze in de Kamer zat, was ze woordvoerder Koninkrijksrelaties. Een functie die haar op het lijf was geschreven: “Ik zag en zie dat Nederland bepaalde afspraken niet voldoende nakwam en vond dat ik ook voor hen op moest komen aangezien ze onderdeel van Nederland zijn geworden.”
Nu de van oorsprong Curaçaose uit de Kamer verdwijnt, blijven er nog maar weinig Kamerleden met een andere etnische achtergrond over. Ortega-Martijn ziet een trend: in 2006 zag ze meer mensen met verschillende achtergronden binnen komen, maar sinds 2012 wordt het weer minder. Ze denkt dat het te maken heeft met de verwachtingen die partijen van hun ‘gekleurde’ politici hebben, die zijn volgens de politica veel te hoog: “Er wordt verwacht dat ze direct een nieuw electoraat aantrekken, maar een nieuw gezicht of een andere kleur trekt niet per sé nieuwe stemmers aan.”
Lange adem
Volgens Ortega-Martijn wordt te weinig bij stilgestaan bij de nieuwe doelgroep die moet worden aangetrokken. Het is volgens de politica een groep die niet gemakkelijk naar de stembussen gaat: “Het is een proces waar je een lange adem voor nodig hebt, je moet investeren. Ik ben bezig geweest met multiculturele christenen, dat ging stapje bij beetje. Het is een proces dat een aantal jaren duurt.”
De politica heeft geen idee waarom er voor de komende verkiezingen zo weinig mensen met een andere achtergrond op de kieslijsten zijn gezet. Ze vindt het wel heel jammer dat het zo is: “De Tweede Kamer moet een afspiegeling zijn van de totale samenleving. En dan niet alleen qua etniciteit, maar ook qua leeftijd en alle mooie verschillen die mensen hebben waardoor we een mooi veelkleurig geheel vormen met elkaar.”