Als ik een toverstaf zou hebben, zou ik op de eilanden van Caribisch Nederland de armoede aanpakken. Dat zegt Wilbert Stolte, één jaar nadat hij benoemd is tot Rijksvertegenwoordiger voor de drie Caribische eilanden Bonaire, Saba en St. Eustatius.
Volgens Stolte is de veerkracht van de drie eilanden enorm. De bevolking heeft het afgelopen jaar wat moeten verstouwen volgens de Rijksvertegenwoordiger. “De prijsstijgingen door een verslechterende wereldmarkt – waar een eilandeconomie toch al extra gevoelig voor is - maar ook de invoering van de dollar. Ondernemers hebben daarvan geprofiteerd.”
Verkeken
Na de staatkundige wijziging binnen het Koninkrijk,” zegt Stolte, “zag je dat veel mensen op de drie eilanden de lat enorm hoog legden voor de veranderingen die Nederland wel even zou doorvoeren. Daar heeft iedereen zich op verkeken: Nederland, de lokale politiek, maar ook de bevolking.”
Als voorbeeld haalt de Rijksvertegenwoordiger de verstrekking van tickets bij medische uitzendingen naar Curaçao. “Vraag ik: was dat vroeger dan niet net zo? Kreeg ik als antwoord: ja, maar nu doen jullie het!” Nederland heeft dan ook wel wat pretenties op dat gebied, volgens Stolte. “Dat krijg je dus meteen op je bord terug.”
[related-articles]Bureaucratie
De Rijksvertegenwoordiger maakt zich één jaar na dato zorgen over de armoede en de armoedebestrijding op de eilanden. “Veel jongeren missen de boot, zijn drop-outs. Hun bestaan lijkt zonder perspectief. De situatie in Kralendijk is vergelijkbaar met de grote stedenproblematiek in Nederland. Als we niets doen vallen ze in het leven overal buiten.”
De bestrijding van armoede is volgens Stolte niet allen een taak voor de lokale overheid, maar ook voor de rijksoverheid. “Nederland heeft de expertise om te helpen.” De Rijksvertegenwoordiger waarschuwt wel om de Nederlandse bureaucratie te weren bij oplossingen in Caribisch Nederland.
Geen fouten
"In ons land is het niet meer toegestaan om fouten te maken. Alles staat onder toezicht. Dat moeten we hier niet doen. Alles hier is zo ontzettend nieuw. Het is mooi om onze verworvenheden te introduceren zonder de bijbehorende fouten, maar doe dat niet door een introductie van de Nederlandse regeldichtheid. Dat past hier niet", aldus Stolte.
"Na één jaar mag ik wel concluderen dat er besef is in Nederland van de specifieke problemen van Caribisch Nederland. In Den Haag weet men dat we gezamenlijk iets gestart zijn en dat een Nederlands beroep op de crisis geen excuus is om iets niet te doen. De bedragen zijn ook niet zo spannend, dat er een kabinet over zal struikelen."
Goede keuze
Volgens Stolte ziet men hier op de eilanden dat het een goede keuze is geweest om zich aan te sluiten bij het Nederlandse staatsbestel. De protesten die de bevolking het afgelopen jaar heeft laten horen zijn voor Stolte een positief bewijs van deze verandering.
“De mensen zijn niet meer bang om hun mening en hun boosheid openlijk te uiten. Dat is naar mijn idee - ik zeg het voorzichtig - vroeger wel anders geweest. Je was toen toch afhankelijk van politieke richtingen, van mensen die aan de knoppen draaiden.”