De MFK-partij van de Curaçaose demissionaire premier Gerrit Schotte geeft zaterdag 11 augustus officieel de aftrap voor de verkiezingscampagne. Tot die tijd wil de partij nog niet ingaan op vragen over haar strategie of iets loslaten over de verwachtingen voor de verkiezingen van vrijdag 19 oktober. De jonge partij is zichtbaar voorzichtiger dan twee jaar geleden.
Met de plotselinge verkiezingen voor de deur is het ineens flink omschakelen voor de MFK van demissionair premier Schotte. De partij kiest er volgens fractieleider Amerigo Thodé daarom bewust voor om ‘de tijd te nemen en te beraden over de plannen voor de verkiezingen’. “We hebben heel wat te bespreken en willen dat eerst doen voordat we naar buiten treden met onze plannen.”
Opiniepeiling
De uitslag van de opiniepeiling die het onderzoeksbureau Curconsult direct na de val van het Curaçaose kabinet in opdracht van de Wereldomroep deed, verrast Thodé geenszins. Uit de peiling, die onder 408 Curaçaose stemgerechtigden werd gehouden, kwam naar voren dat driekwart van de kiezers blij is met de aangekondigde verkiezingen. De helft van de respondenten wist op het moment van de peiling niet wat ze zouden kiezen. Een derde zou de uittredende coalitie MFK, Pueblo Soberano en MAN weer terug willen zien.
Volgens Thodé heeft zijn partij ‘ondanks haar onervarenheid’ het publiek laten zien dat ze in staat is om bezuinigingen door te voeren. “We hebben door belastingsmaatregelen weten te bezuinigen, daar was het Internationaal Monetair Fonds en de Centrale Bank zeer tevreden over.”
Financiën grootste obstakel
“Ons grootste obstakel is de financiële situatie geweest bij aanvang van onze regeringsperiode. De vorige regering heeft ondanks de sanering vanuit Nederland een problematische financiële situatie voor ons achtergelaten”, vertelt Thodé.
De combinatie van een slechte financiële startpositie en de problemen met de Centrale Bank zijn volgens Thodé een tegenvaller geweest in de regeringsperiode van de MFK. “We hadden geen grip op de Centrale Bank door de onenigheid met directeur Emsley Tromp.”