Iedere postactieve Nederlander die in Frankrijk zijn stek vond om in alle rust oud te worden, zal toegeven dat de Franse zorg perfect is. Helaas betaalt hij daar sinds de invoering van de Nederlandse Zorgverzekeringswet, in 2006, zo'n drie keer meer voor dan de Fransman zelf.
Dat is op zich nog geen reden om hun rust en ruimte op het Franse platteland op te geven, vinden velen. Maar dan gaan ze er wel van uit dat ze die goede Franse voorzieningen ook kunnen gebruiken wanneer ze wegens ouderdom extra zorg nodig hebben. Ze dragen in Nederland immers hoge bedragen af aan de AWBZ. Helaas, de postactieve Nederlander in Frankrijk krijgt daar nul-komma-niets voor terug.
Het Franse systeem
In Frankrijk zorgen ouders voor hun kinderen en kinderen voor hun ouders. Voor de kosten voor thuiszorg of opname in een zorginstelling kunnen ouderen een beroep doen op de APA, de Allocation personnalisée d’autonomie. Die voorziet in een tegemoetkoming van tussen de 500 en 1200 euro per maand, gerelateerd aan de mate van afhankelijkheid van zorg.
Wat een persoon wel of niet meer zelf kan, wordt ingedeeld in zes niveaus (GIRS). De hoogte van het inkomen van de aanvrager bepaalt vervolgens de hoogte van de eigen bijdrage. Veel ouderen redden het niet met deze toelage. Dan is er sprake van een zorgplicht van de kinderen voor hun ouders: kinderen kunnen hun ouders in huis opnemen of een bijdrage leveren aan verzorging door derden.
Die bijdrage is aftrekbaar maar niet vrijblijvend. Een rechter bepaalt hoeveel euro kinderen, schoonkinderen - zelfs ex-schoonkinderen - en kleinkinderen moeten meebetalen aan de verzorging van de hulpbehoevende oudere. Alleen wanneer de nakomelingen onvoldoende inkomen hebben of wanneer een ouder zijn kinderen aantoonbaar verwaarloosde of mishandelde, kan de bijdrage worden kwijtgescholden.
De oudere Nederlander
Voor zorgbehoevende oudere Fransen werkt dit systeem perfect. Maar een Nederlandse 60-plusser met een modaal of hoger inkomen maakt nauwelijks aanspraak op APA-gelden voor thuiszorg of opname in een zorginstelling. Wanneer hij niets meer zelf kan, krijgt hij vanwege de hoogte van zijn inkomen nog steeds maar zo'n 120 euro per maand. Terwijl hij wél doorgaat met het betalen van Nederlandse AWBZ-premies.
De kinderen kunnen niet volgens het Franse systeem verplicht worden om voor hun hulpbehoevende ouder te zorgen. Gelukkig maar, want die kinderen betalen ook AWBZ-premie, als 'solidariteitsheffing' die ook de solidariteit met hun eigen ouders dekt. Voor Nederlandse bejaarden die AWBZ-achtige zorg nodig hebben, zit er dus niets anders op dan alles zelf te betalen. Kosten: tot 2000 euro per maand.
Een oudere Nederlander in Frankrijk die veel zorg nodig heeft, zou daardoor wel eens kunnen besluiten om naar Nederland terug te keren. Want daar heeft hij wèl recht op de AWBZ-voorzieningen waarvoor hij al jaren betaalde. Hij zal niet de enige zijn die terugkomt. Ook zijn Nederlandse leeftijdgenoten in andere landen rest niets anders dan een enkeltje Nederland te boeken om te krijgen waar ze recht op hebben.
Extra verzekering afsluiten
Veel Fransen sluiten een verzekering af om hun nazaten te vrijwaren voor de verplichting bij te dragen aan hun zorgkosten. Het is een dure verzekering, die de kosten niet dekt maar wel een bedrag uitkeert in de vorm van rente. Je moet niet te lang wachten met afsluiten, want hoe ouder je bent, hoe hoger de premie. Boven de 70 is het onmogelijk. En ook als je ernstig ziekte bent, zijn de mogelijkheden beperkt.
Sommige Nederlanders die al voor 2006 in Frankrijk woonden en daardoor niet meer AWBZ-verzekerd waren, hebben ook zo'n verzekering afgesloten. En hetzelfde geldt voor Nederlanders die na 2006 emigreerden en begrepen dat ze wel AWBZ-premies moesten betalen maar geen AWBZ-zorg zouden krijgen. Deze verzekerden betalen dus dubbelop.
Zolang je daarvoor (nog) de financiële ruimte hebt, prima. Maar hoe doen zij het die na het voldoen van de AWBZ-premie geen extra verzekering meer kunnen betalen? Hoevelen beseffen niet dat ze niet AWBZ-verzekerd zijn, terwijl ze wel AWBZ-premie afdragen? En hoe gaat het eigenlijk met de postactieven in andere landen?
Nederlanders opgepast
Is minister Edith Schippers voorbereid op hordes postactieven die uit het buitenland terugkomen om hun betaalde rechten op te eisen? Nederland kan al amper het vergrijzingsprobleem aan van de Nederlandse inwoners. Maar de minister loog al over de kosten voor de Olympische Spelen, laat staan dat ze de Kamer adequaat informeert over de kostenpost voor uit het buitenland terugkomende oudjes.
Zou minister Schippers er niet beter aan doen te regelen dat AWBZ-verzekerden de voorzieningen in hun woonland door Nederland vergoed kunnen krijgen? In veel landen is de zorg immers veel goedkoper dan in Nederland, dus: kassa! Of zou de minister anders niet beter de AWBZ vrijwillig kunnen maken voor postactieve Nederlanders in het buitenland?
Deze oplossingen zijn haar al voorgelegd, maar Schippers kiest voor het beleid op korte termijn: als ze vandaag maar kan scoren, dan is morgen haar zorg niet. Dus inwoners van Nederland opgepast! Straks komen de postactieven met hordes uit het buitenland terug. Voor jullie is er dan geen ruimte meer in de ouderenzorg.