De vliegtuigen naar Suriname en de Antillen zitten altijd vol. Voor vakantie, werk of zaken gaan er altijd veel mensen naar de andere kant van de oceaan. En er zijn mensen die defitinief de oversteek maken.
Een dame verheugt zich erop in haar huis in het centrum van Paramaribo aan het raam te zitten. Als ze aankomt, belt ze eerst haar kinderen om te zeggen dat ze goed is aangekomen en dan gaat ze thuis een dutje doen. Wat het eerste is dat ze gaat eten? Dat ligt aan wat er in haar vriezer ligt en dat weet ze niet precies omdat ze drie maanden geleden voor het laatst in haar huis was.
Rijst met biefstuk
Een jongen gaat met zijn opa naar zijn oma in Overbridge. Opa was op bezoek in Nederland en neemt nu zijn kleinzoon mee. De jongen heeft daar een squad en bij het huis is een erf met allemaal dieren, dus hij weet zeker dat het een leuke vakantie wordt. Oma heeft vissen, kuikens, kippen en honden. Voor die honden heeft hij speeltjes en snoepjes mee. Hij denkt dat hij rijst met biefstuk en bonen gaat eten. Dat kan zijn oma heel erg lekker klaarmaken.
En een man is blij. Hij heeft net geregeld dat zijn djembé mee kan naar Suriname. Zijn vrienden daar spelen allemaal bongo, dus hij wil graag zijn trommel laten zien. Hij logeert bij zijn zus in Nickerie. In Nickerie is alles, zegt hij, natuur, sport en spel en vrienden. Het is er de hemel op aarde, vindt hij.